Toon Maassen van De Ceuvel

Door Adriënne van der Werf op

Men neme: een verlaten scheepsbouwterrein in Amsterdam Noord, een handvol enthousiaste twintigers, een groep architecten en bouwers met allemaal één ding gemeen: het geloof in een zelfvoorzienende stad. Het eindresultaat? De Ceuvel. Een volledig uit oude materialen opgehesen broedplaats met café (gemaakt van meerpalen), kantoren (in oude woonboten) en een missie om de vervuilde grond van binnen schoon maar vooral aan de oppervlakte gezellig te maken. Een maand na de opening spreek ik Toon Maassen (22), één van de co-creators.

Ongeveer een maand geleden ging De Ceuvel open, hoe gaat het met je?
Het gaat goed, alleen ben ik wel moe. De Ceuvel is toch een groter succes geworden dan we hadden verwacht. Er moet veel gebeuren, van administratief tot logistiek. Ik ben stiekem wel een beetje blij met de regen zodat we de dingen wat beter op orde kunnen brengen. Op de zonnige dagen hadden we zo’n duizend mensen op het terrein. Ik word elke dag wakker in een droom die uitgekomen is.

Hoe ziet het project er eigenlijk uit en wat zijn de volgende stappen?
Het begon allemaal twee jaar geleden toen er een pitch werd uitgeschreven voor dit stuk braakliggend vervuild terrein waar vroeger een scheepswerf stond. Het café valt misschien het meeste op, maar de kantoorruimtes zijn ook een onderdeel van het plan dat we hebben ingestuurd voor de prijsvraag. Een broedplaats die volledig bestaat uit hergebruikte materialen en zo zelfvoorzienend mogelijk is. Zo hebben we tot sloop gedoemde woonboten als kantoren op de grond gezet, en die met elkaar verbonden door kronkelende stijgers. Tussen de verhoogde wandelpaden hebben we wilgenplanten en vingerhoedskruid geplant, die eigenschappen hebben om vervuilde grond te reinigen. De volgende stap is het verder ontwikkelen van De Ceuvel.

En het café?
Het café is ontworpen door Wouter Valkenier, die ook Hannekes boom heeft gemaakt. De constructie van het gebouw is gemaakt van oude meerpalen uit de Amsterdamse haven, de container van de reddingsbrigade van Scheveningen en contragewichten van kranen. We proberen het afval zo veel mogelijk te scheiden en te composteren. Ook komen er kassen op het dak en zullen er peren- en appelbomen op het dak worden geplant. Daarnaast proberen we zo veel mogelijk lokaal eten en drinken in te kopen. We hebben bijvoorbeeld paddenstoelen van een lokale producent in een container hier een kilometer vandaan. Alles om de verbruikscyclus zo klein mogelijk te maken.

Waar ben je het meest trots op?
Dat er zoveel mensen zijn geïnteresseerd in het project en dat er zoveel mensen bij de opening op 21 juni waren. We hebben het met zijn allen gedaan. Het kon niet zonder de donaties en het geld dat we via de crowdfunding actie hebben opgehaald, maar ook aan de bouw en het onderhoud draagt iedereen nu een beetje bij. Ik ben ook trots op kleine dingen, zoals de frisdrank die wij verkopen, gemaakt van sprankelend kraanwater (uit een zelfgemaakte tap) en siroop. We kopen de siroop in bij een vriend van ons, Leslie Dronkers, die het hier komt brengen met de bakfiets in glazen flessen. Hij gebruikt groenten uit de buurt en maakt daar smaken van die continu veranderen. De afgelopen weken hadden we bijvoorbeeld rabarber en vlierbloesem. Het is één van de systemen die volledig rond is.

Je bent zelf cultureel programmeur bij De Ceuvel, wat ga jij hier neerzetten – en wat mis je zelf in het kunst- en cultuurleven?
Dit vind ik een heel moeilijke vraag, want er is al zoveel en ik kan niet zeggen wat ik mis. Ik houd van theater, film en muziek en vooral van oprechte podiumkunst. Ik wil de juiste setting, het juiste geluid en podium geven aan de artiest en hem of haar daardoor de kracht geven om dat podium te ‘pakken’. 

En welke film moeten we gezien hebben?
The real dirt on farmer John, een documentaire over een Amerikaan die op zijn zestiende de boerderij erft van zijn vader. Je ziet zijn strubbelingen op het Amerikaanse platteland, en dan met name het financiële aspect achter het runnen van een boerderij. Het is een heel mooi voorbeeld van een biologisch foodshare initiatief. John is een te gekke man en voor mij heel inspirerend.

Kan je mij je favoriete object tekenen?

Esmee Jiskoot (ook één van de co-creators) neemt hier even het stokje over:



Interviews

EXPOSED interviewt op IDFA: ‘Op basis van je facebookdata kreeg iedereen een pilletje…’

Interviews

Kunstenaar Rafaël Rozendaal: ‘Ik hou niet van verhalende kunst, ik hou van kunst die totaal niet duidelijk is’

Interviews

Modeontwerper Isabell Schulz: ‘Ik wil dat mijn ontwerpen een verbinding aangaan met de ruimte’

Interviews

De mensen achter Roffa Mon Amour: ‘We willen bezoekers een reis in eigen stad aanbieden, door middel van films’

Interviews

De mensen achter Shelter: ‘Amsterdam miste een club met een open karakter’

Interviews

Regisseur Mijke de Jong: ‘Ik film graag de rafelranden van dit land’