If We Ever Get to Heaven – Black and White Dancing Together

Door Rolien Sandelowsky op

We gaan alweer het allerlaatste weekend in van de tentoonstelling William Kentridge – If We Ever Get to Heaven. Dus bezoek ‘m, als je er nog niet bent geweest, of ervaar ‘m nogmaals, als je er geen genoeg van kunt krijgen. Rolien zet voor ons uit, waarom je deze must see echt niet aan je voorbij kan laten gaan.

William Kentridge (Johannesburg, 1955) neemt je mee in een ogenschijnlijk onschuldig schaduwspel met geladen inhoud. Tegen de achtergrond van Zuid-Afrikaanse landschappen laat de animator, opera- en theaterregisseur je de Apartheid niet zien, maar voelen. Volledig trouw aan zijn medium doet hij dit op een animerende, verrassende manier. De ruimtes waarin Kentridge’s houtskoolkunst wordt getoond zijn sober, donker en voelen ietwat verborgen en vreemd van de omgeving. Een groot contrast dus met EYE en ‘t IJ, waar in het water de natrillingen van SAIL 2015 nog voelbaar zijn.

“Williams werk is politiek maar niet beladen, vrolijk maar nimmer naïef”

Zodra je de eerste typische EYE-deurhendel raakt en de expositie binnenstapt wordt je aandacht getrokken naar een naastliggende zaal waarin een 45-meter brede film je een Afrikaans gezelschap toont, marcherend door Johannesburg in houtskool-editie. Voor zij die zich zullen beheersen en niet meteen de intrigerend inheemse muziek opzoeken, hangen in de eerste ruimte de ‘schaduwen’ die Kentridge gebruikte om deze film te maken. Schaduwfiguren, opgebouwd uit karton, zwarte verf, dikke lijm en latjes. Zo knullig als ze eruit zien van dichtbij, zo imposant zijn ze van veraf.

Dat schaduw het sleutelwerk in het Kentridge’s werk is begrijp je al snel. Niet alleen in vorm, maar ook conceptueel. Verschillende keren wordt Plato’s allegorie van de grot aangehaald als bron van inspiratie; zien en zijn wij de schaduw, of is de schaduw echt en zijn juist wij een reflectie? Williams werk is politiek maar niet beladen, vrolijk maar nimmer naïef. Met een palet van houtskool, gum, rood potlood en filmmateriaal brengt de allround kunstenaar films naar je netvlies die zich nog het best laten karakteriseren als een mix van animatie, politiek en filosofie. Gevoelige beelden, soms met contrasterende muziek verschijnen voor je neus uit vegen, strepen en gewis. Je waant je in een zwart-wit Zuid-Afrika, zowel in vorm als in gedachte.

Vanuit simplistische tekeningen laat Kentridge aangrijpende beelden ontstaan, bewegen en verdwijnen. De realistische animaties zijn menselijk intiem, politiek en toch persoonlijk. In Drawing for Projection en Other Faces zie je geschiedenis door een stad sijpelen, met alle emoties van dien. In I Am Not Me, the Horse Is Not Mine liet Kentridge zich inspireren door Russische taferelen, uitmondend in een neus en terugkerende vormentaal die de 8 verschillende schermen samenbrengt in een satirische vertolking van de Russische revolutie.

“Je waant je in een compleet andere wereld, waarin je culturele hart een sprong maakt. Gegarandeerd”

Hoogtepunt van de tentoonstelling blijft de meterslange doekenwand waarop dansers en acteurs zich voortbewegen door een houtskoollandschap. Met de meeslepende muziek associeer je dit al gauw met een politiek geëngageerde versie van Disney’s It’s a Small World. In de alweer zo sobere ruimte staat een stel stoelen opgesteld, ik kies er één en beweeg mijn ogen van links naar rechts. Waar de sprookjesfanaten je door een wereld in vrede varen, laat Kentridge je een Afrika in roering zien. Door een veranderd landschap marcheren, dansen, lopen de figuren al optredend, typend, werkend, slepend en dwepend door wat door moet gaan voor een Zuid-Afrikaanse weide. Afrikaanse muziek schalt uit ogenschijnlijk ouderwetse megafoons, vervult de ruimte waarin More Sweetly Play the Dance zich afspeelt, evenals de andere expositievertrekken. Je waant je in een compleet andere wereld, waarin je culturele hart een sprong maakt. Gegarandeerd.

Het liefst was ik hier met laptop en al neergestreken om dit stukje te typen, maar het licht in de duisternis zou het intieme zicht van andere bezoekers verdoezelen. Dus vier ik op een sober bankje een kleine cultuurshock in het lichte, ruime EYE met zicht op het water, restaurantbezoekers, een bruisende stad en niet internationaal-fähige vrachtschepen. Ergens ver in mijn oor hoor ik de inheemse muziek van More Sweetly Play the Dance nog, een deun die ik niet kan herhalen heeft zich vast genesteld in mijn oorschelp en blijft neuriën in mijn hoofd.

Zou Kentridge zich hetzelfde afvragen als Plato en de hemel zien als schaduwwereld? Of juist onze aardse realiteit? If you ever get to heaven, feel free to let us know.

William Kentridge – If We Ever Get to Heaven is t/m zondag te zien in EYE, vandaag en zaterdag tot 21.00 uur en zondag tot 13.00 uur.

 

 

 

Gerelateerd aan evenement

IK ZIE | IK ZIE |

Gerelateerd aan evenement

IK ZIE | IK ZIE |

Overview

Ryoji Ikeda, Rei Naito en de Japanse kunst van het sublieme: van natuurfenomeen tot pixelpatroon

Longreads

Filmkunstenaar Ben Rivers: filmmagie in een onttoverde wereld

Jesper Just

Longreads

Van het witte doek naar de white cube: in Jesper Justs werk vervagen de grenzen tussen film en beeldende kunst

Interviews

Kunstenaar Rafaël Rozendaal: ‘Ik hou niet van verhalende kunst, ik hou van kunst die totaal niet duidelijk is’

Interviews

Filmmaker Cao Guimarães: ‘Ik zal het leven altijd verkiezen boven kunst’

Shortreads

I Am Not Your Negro: waarom de zorgeloze glimlach van Doris Day niet zo onschuldig is als ze lijkt