Liefde en taal in The Lobster

Door Redactie op

Julien Staartjes bekeek de absurdistische film The Lobster van Yorgos Lanthimos en verbaasde zich over het hoofdpersonage David. Daarnaast trok hij er een belangrijke les over taal uit. 

The Lobster speelt zich af in een dystopische werkelijkheid waar je, als je langer dan vijfenveertig dagen vrijgezel bent, verandert in een dier naar keuze. Meer dan deze zin had de film van de Griekse regisseur Yorgos Lanthimos niet nodig om mij te overtuigen naar de bioscoop te gaan.

David, (mollig, besnord, aandoenlijk), kiest voor de kreeft. Hij houdt van de zee. Zijn broer, (harig, pretoogjes, zacht), zit naast hem op de grond. Het is hem niet gelukt een partner te vinden en hij gaat tegenwoordig door het leven als een hond. Het tweetal zit in kamer 101 van het hotel waar David geacht wordt zijn nieuwe partner te vinden. We zien David vervolgens door een screening gaan, de omgeving verkennen en zijn mede-hotelgasten ontmoeten. Al vrij snel leert de kijker dat het vinden van een nieuwe partner vooral afhankelijk is van overeenkomsten. Als je mank loopt, zoek je een andere manke. Ben je slechtziend, beperk je je tot andere slechtzienden. Als je meedogenloos bent, zoek je iemand die net zo wreed is als jij. In dit eerste deel van de film krijgt David continu de spelregels uitgelegd van de maatschappij waarin hij zich bevindt. Een maatschappij waarvan hij zijn hele leven al deel uitmaakt en die geen verdere uitleg lijkt te behoeven. David ondergaat het allemaal maar. Hij praat weinig, af en toe knikt hij. Het blijft vaak een beetje in het midden hoe hij zich tot dit alles verhoudt. Een vreemde ontwikkeling, zou je kunnen denken. Storend, vooral. Het voelt een beetje alsof iemand je continu probeert uit te leggen hoe een stoplicht werkt.

Het lijkt een opvallende keuze van Lanthimos om ons in zijn filmwereld te introduceren middels de stoïcijnse en ietwat onbeholpen David. Hoewel het bij een ingewikkeld science-fiction verhaal natuurlijk prettig is om alles lekker duidelijk te hebben, wordt hier wel heel veel uitgelegd. Fictie kent maar weinig regels, maar laat iemand nooit in een dialoog uitleggen wat al lang duidelijk moet zijn voor de personages. Het lijkt mij ten alle tijden onzinnig te herhalen dat een stoplicht op rood, groen of oranje kan springen. Als iets uitgesproken wordt, moet het een functie hebben. Toch?

In de wereld van The Lobster wordt alles uitgesproken. Niet de liefde, maar taal is er heer en meester. De personages staan erbij als zoutzakken. Als ze al bewegen, is het houterig. Dansen kunnen ze al helemaal niet. Communicatie concentreert zich op het verbale. Het gesproken woord is heilig en liegen is een doodzonde. Immers: je kunt geen relatie baseren op een leugen. Het is een belangrijke uitspraak die regelmatig terugkomt in de film en die liefde en taal onlosmakelijk probeert te verbinden. Het klinkt niet eens als een heel gek idee: een relatie zonder leugens. Tegelijkertijd is de uitspraak beklemmend normatief. Als je niet mag liegen, wordt houden-van geen liefkozing, maar een belofte die je koste wat het kost moet inlossen. Een vreselijk vooruitzicht.

Je zou denken dat David beter af is als onderdeel van de radicale afscheidingsbeweging Loners: een ietwat paradoxale groep eenlingen onder leiding van de betoverende Léa Seydoux. Maar hoewel ze zich hebben vrijgevochten van het juk van de liefde, lukt het ze niet zich vrij te maken van de wetten van de taal. Ook zij stellen strenge regels op waaraan ze zich ten alle tijden dienen te houden en die ze om de haverklap uitspreken. Liefde is, vanzelfsprekend, verboden. Ook dit ondergaat David allemaal maar. Totdat hij, de strenge regels van de groep ten spijt, toch verliefd wordt. De liefde is wederzijds en de twee ontlopen de wetten van de groep door een eigen gebarentaal te ontwikkelen. Toch is het een liefde die vanaf het begin gedoemd is te falen en in een stroomversnelling raakt als Davids geliefde blind wordt. David voelt zich steeds meer gedwongen om tegen haar te liegen, juist omdat hij van haar houdt. Uiteindelijk belanden de twee bij een ultimatum: hij is slechtziend, zij is inmiddels blind, passen de twee nog wel bij elkaar? Volgens de wetten van The Lobster is er eigenlijk nog maar één oplossing mogelijk. Toch lijkt die niet zeer waarschijnlijk, gezien David’s subversieve neigingen.

Juist door de extreem perverse houding tot taal, laat The Lobster zien hoe onwenselijk het is om taal op een voetstuk te zetten. Elke uitspraak krijgt een normatieve functie, elke leugen een politieke lading. Als deze film iets toont, is het wel dat als je taal te letterlijk neemt, je het alleen maar gebruikt om grenzen aan te geven en niet om ruimte te bieden voor nieuwe ideeën.

Longreads

Omdat ‘Show, don’t tell’ niet altijd werkt: mijn vijf favoriete filmmonologen

Shortreads

De vijf mooiste Nederlandstalige filmdialogen

Interviews

EXPOSED sprak de legendarische filmmaker Béla Tarr: ‘Ik wil mijn lelijke bullshit vieren’

Interviews

EXPOSING | Jaap Guldemond

Michelangelo Antonioni

Longreads

Antonioni: moderne cinema en de crisis van de mens

Longreads

Jong en verliefd op Ventoux