Quentin Tarantino maakt een Tarantino

Door Thomas van Huut op

Sommige regisseurs worden zo groot dat ze, misschien wel tegen wil en dank, zowel hun eigen genre als hun eigen maatstaf definiëren. Thomas Pieter van Huut bekeek The Hateful Eight en legt uit waarom Tarantino weer zo’n goede Tarantino-film maakte. 

‘Het is niet echt hoor, het is maar een film.’ Bij bloederige filmscènes waren er vroeger altijd mijn ouders die me er vriendelijk aan herinnerden dat ik illusies voorgeschoteld kreeg. Een geruststellende gedachte, maar lang niet helemaal waar. Want hoe onwaarschijnlijk of onrealistisch ook, de fictie waarnaar je kijkt is echt: het is écht film. Dat is de media-wijsheid die ze me tijdens mijn eerste beeldschermuurtjes probeerden bij te brengen: wat je ziet op het scherm, daar gaat een wereld aan vooraf.

Tegenwoordig zie ik die wereld ook zonder dat mijn vader en moeder me er hardop aan helpen herinneren. Het bloed dat zo rijkelijk vloeit in The Hateful Eight (2016) is bijvoorbeeld echt Tarantino-bloed. Wanneer in de nieuwe film van regisseur Quentin Tarantino (1963) de ingewanden door de kamer vliegen staat dat niet op zichzelf: het doet onvrijwillig denken aan de schedelexplosie in de met wit leer beklede auto in Pulp Fiction (1994). De acht criminele cowboys die elkaar ontmoeten in een blokhut brengen vanzelfsprekend de groep overvallers in de loods van Reservoir Dogs (1992) in herinnering. The Hateful Eight zal daarnaast ongetwijfeld worden vergeleken met Tarantino’s andere western, Django Unchained (2012). Dat de film scherpe en gevatte dialogen zou bevatten, wist ik al voordat ik zelfs maar een trailer had gezien. Met zijn achtste film heeft Tarantino vooral dat gedaan: een nieuwe Tarantino-film gemaakt. Sommige regisseurs worden zo groot dat ze, misschien wel tegen wil en dank, zowel hun eigen genre als hun eigen maatstaf definiëren.

Dat de achtste film van de sterregiseur een acht in haar titel draagt en een film is over evenzoveel cowboys, doet vermoeden dat het verhaal is geschreven om alleen dit te doen: de sterregisseur in staat stellen zijn kunstje nog een keer op te voeren. Geslaagd, zo oordelen de meeste recensies: ‘Niemand weet beter dan Tarantino hoe een film Tarantinesk moet zijn’, aldus de Belgische krant De Morgen bijvoorbeeld.

Behalve dat dit de vraag oproept of zo’n film überhaupt nog gemaakt moet worden – ik heb geen idee – laat het zien dat film, als volwassen medium, ook over zichzelf kan gaan. Dat we personages, het plot, de grappen en in dit geval ook het bloed niet alleen zien als de filmillusie waar we graag intrappen, maar ook als een voortzetting van de bestaande wereld met andere middelen.

Tarantino is iemand die films maakt óver film en de randen van genres en algemene filmregels opzoekt en oprekt. The Hateful Eight is weer een typische Tarantino-film. De indeling in hoofdstukken, retro titels in de film, een voice-over, opvallend aanwezige soundtrack, overdreven slow-motion: de regisseur laat in alle registers blijken dat het zíjn film is. De harde hand van de filmmaker als onzichtbare hoofdrolspeler. Een opvallend kenmerk, hij is geschoten op ultra breed 70 mm-film (een extreem breed analoog filmformaat in zeer hoge resolutie) maakt duidelijk dat voor Tarantino de techniek minstens zo belangrijk is als de inhoud. En, niet onbelangrijk, hij wil dat zijn publiek dit weet.

De afgelopen jaren lijkt steeds vaker het verhaal buiten de film het verhaal ín de film te overstemmen. Birdman (2015) was naast het verhaal over een superheldenacteur die een comeback probeert te maken, ook de film van een superheldenacteur (Michael Keaton, Batman in de jaren ’80/’90) die een comeback maakte. Het gebruik van Jurassic Park-merchandise in Jurassic World (2015) was een knipoog ín de film naar de cultstatus van de film búiten de film. En de recente hype rondom Star Wars VII: The Force Awakens (2015) ging vooral over de vraag of de film wel aan zijn eigen verwachtingen kon voldoen. Het galaxy far, far way heeft immers zijn geheel eigen universum geschapen, waar nogal wat van verwacht wordt.

Je zou kunnen proberen de context rondom een film buiten beschouwing te laten en het werk puur op zijn inhoud proberen te beoordelen. In zijn bespreking van The Force Awakens (2015) doet recensent Gawie Keyser zo’n poging. ‘De merchandising. De bezoekcijfers. De winstprognoses. De gissingen van fanboys over welk model lichtzwaard te zien is, en wat al niet meer. Ik klik ze allemaal zo snel mogelijk weg’, schrijft hij, om vervolgens te proberen het ruimte-epos zuiver op basis van de beelden en de boodschap te bespreken. Keyser vraagt zich in de bespreking hardop af of het überhaupt mogelijk is The Force Awakens ‘puur als film’ te zien, en gaat er vooralsnog vanuit dat het kan.

De vraag is of, als het al mogelijk is, het wel eerlijk is een film los van zijn achtergrond te beoordelen. Het publiek is bekend met de regels en formules van het medium en de genres. Het kent de vorige films van de regisseur en weet welke verwachtingen daar bij horen. Tarantino is een grootmeester in het maken van onderhoudende films die open en bewust omgaan met hun eigen medium. In de onzichtbare maar alom aanwezige hand van de regisseur ligt zijn grootste talent.

De filmmaker en de filmkijker zijn al lang zelfbewuster geworden. Eerder gingen ze aan de haal met onze beelden van cowboys, gangsters, goed en kwaad en buitenaardse wezens; nu gaan ze het aan de haal met de filmclichés van die beelden. Wel zo eerlijk, dan weet je waar je naar kijkt.

Het EYE Filmmuseum is het enige theater in de Benelux dat de 70 mm-versie van The Hateful Eight vertoont. Kijk voor tijden op de filmpagina.

Shortreads

Filmisch vinyl: waarom zijn 70mm-vertoningen zo magisch?

Longreads

Playlist: de fijnste melancholische filmmuziek voor deze zomer

Interviews

Film editor Nina Graafland: ‘Na mijn afstuderen had ik één dag vakantie’

Interviews

EXPOSING | Jaap Guldemond

Woody Allen

Longreads

De Vijf Lessen van Woody

Interviews

Shotje met Lucky Fonz III